BMD NIEUWSBRIEF DECEMBER 2007
Geachte relatie,
In
deze decembernieuwsbrief staat het thema innovatie centraal. Om succesvol te
innoveren, zijn talent en kennis nodig en moet creatief ondernemerschap samen
met het management in staat zijn om een goede organisatie neer te zetten.
Daarnaast zijn kansen, maar ook bedreigingen een bron van inspiratie, is
samenwerking tussen alle belanghebbenden cruciaal en worden een aantal leuke
ideeën uit verschillende branches besproken. Verder wordt nog aangegeven dat de
prijzen voor bedrijven stijgend zijn bij een gebrek aan koopmogelijkheden en dat
de keuze voor een goede adviseur ook geen overbodige luxe is.
In deze nieuwsbrief vindt u de volgende artikelen:
Met deze onderwerpen willen wij u inspireren voor het nieuwe jaar. Wij wensen u prettige feestdagen en een voorspoedig 2008 toe.
Heeft u vragen over bovenstaande onderwerpen of suggesties voor onze nieuwsbrief? Wilt u een relatie of bekende aanmelden of zich afmelden voor deze nieuwsbrief? Bent u in het bezit van een persoonlijk e-mailadres in plaats van een postadres? Laat het ons weten via boodt@boodt.com of bel naar 078 69 909 75.
Met vriendelijke groet,
Kees Boodt
Te koop
Aannemingsbedrijven bouwkundig / civiel
Beveiligings- en bewakingsbedrijven
Detacheringbedrijf productiepersoneel in NL en Duitsland
Diverse handelsbedrijven in gereedschappen, (gereedschaps-)machines, verhuur bouwmachines, lasmachines en materialenhandel
E-installateur
Handels en servicebedrijven gereedsschapsmachines, meetinstrumenten
HVAC-installateur
ICT-bedrijven, zoals hardware- en automatiseringsbedrijven
Metaalverwerkingsbedrijven (productie-installaties, machinaal, onderhoud).
Gezocht
Aannemer betonwerkbouw
Aannemer kleinschalige baggerwerkzaamheden
Aannemingsbedrijf bouw / civiel
Beveiligings- en bewakingsdiensten
Cargadoors en overslagbedrijf
Carrosseriebouwer
Data- en telecomserviceverlener
Dienstverlener
E- en HVAC-installateurs
E-installateur beveiligingsinstallaties
E-installateur Oost-Nederland
E-installateur regio Amsterdam
Facility management
Glasleverancier
Handelsbedrijf en distributie chemicaliën
Handelsbedrijf en distributie promotieartikelen
Handelsbedrijf hand- en elektrische gereedschappen
Handelsbedrijf sensorkranen en legionella bestrijding
Handelsbedrijf werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen
Handelsvertegenwoordiging technische materialen en instrumenten t.b.v. industrie
HVAC-installateur Oost-Nederland
HVAC-installateur West-Nederland
ICT-bedrijven, zoals hardware- en automatiseringsbedrijven
Ingenieursbureau bouw
Ingenieursbureau machinebouw
Ingenieursbureau mechatronica
Koeltechnisch bedrijf food
Lasmachines en toebehoren
Naar Azië verplaatsbare productieactiviteiten of bedrijfje
Productiebedrijf (groot)
Productie kuststof producten (spuitgieten)
Producent spa-installaties eventueel buiten NL
Schildersbedrijf spoorwegobjecten
Schoonmaakbedrijf spoorbanen / industrieel
Toeleverancier scheepsbouw, baggerindustrie en offshore industrie
Tandwiel(kasten) producent
Training kwaliteit en veiligheid
Transportonderneming
Uitzendbureau
Verfproducent
Verhuurbedrijf aannemersmaterieel
Verpakkingsmachineproducenten.
Zie de nieuwe site www.bedrijfsovernameplein.nl voor enkele profielen van bovenstaande bedrijven. Helaas kunt u niet meer zoeken op profielen per bemiddelaar. Wellicht dat de branche-organisatie Bedrijfsoverdracht Bemiddelaars binnenkort ook een kostenloze, onafhankelijke en openbare site realiseert die wel over deze zoekfunctie beschikt.
Nederland is de op twee na grootste talent hotspot in 2007

Nederland is momenteel het op twee na belangrijkste land ter wereld voor het aantrekken en bevorderen van talent, aldus de eerste Global Talent Index (GTI). Alleen de VS en Canada overtreffen Nederland als locatie voor talent, zo blijkt uit de index die werd samengesteld door het internationale executive search bureau Heidrick & Struggles in samenwerking met de Economist Intelligence Unit. Vooral de kwaliteit van de omgeving voor het bevorderen van talent, de hoge arbeidsmobiliteit, de openheid van de economie en de zeer hoge niveaus van buitenlandse directe investeringen dragen bij aan de hoge notering van Nederland als een omgeving die bevorderlijk is voor het aantrekken en ontwikkelen van toptalent. Wel wordt verwacht dat Nederland in 2012 één plaats in de GTI zal dalen door de relatieve opkomst van het Verenigd Koninkrijk, waarbij de absolute notering van Nederland echter wel stabiel blijft.
De GTI is het eerste onderzoek op dit gebied dat wordt ondernomen. Het geeft een compleet inzicht aan bedrijven over de plaatsen ter wereld waar zich talent bevindt en zich kan ontwikkelen. Er zijn voor het onderzoek dertig landen geselecteerd, gebaseerd op een representatieve geografische verspreiding en de kwaliteit van beschikbare vergelijkende gegevens.
Rob Schuyt, partner van het Amsterdamse kantoor van Heidrick & Struggles verklaarde: "De Global Talent Index geeft aan dat veel Nederlandse bedrijven tot de beste ter wereld behoren - of kunnen behoren. Ondanks de relatief kleine bevolking geeft de hoge notering van Nederland aan dat niet de absolute hoeveelheid potentieel talent belangrijk is, maar vooral hoe dit talent wordt ontwikkeld. Doorlopende investeringen in ons onderwijssysteem, in het bijzonder in universiteiten en economisch onderwijs en verdere maatregelen om de arbeidsmarkt flexibeler te maken zijn bepalend om Nederland als hotspot van talent te handhaven.”
Bron: PRNewswire.
Citaat
van Jan Kamminga, voorzitter Vereniging FME-CWM, in het voorwoord van een studie
van Berenschot met als titel ‘Scenario’s voor de industrie’. Deze studie is
uitgevoerd in opdracht van TNO-I&T.
“Vanzelfsprekend ben ik ervan overtuigd dat de toekomst zal worden bepaald door scenario 1 (Sterke kennisindustrie brengt nieuwe stuwkracht), dat een sterke kennisindustrie nieuwe groei zal brengen. Dan maakt doemdenken plaats voor daadkracht. Dan wordt Nederland nóg internationaler en multicultureler, met een toestroom aan kenniswerkers uit alle continenten. Nederland wordt een global hotspot van innovatieve producten en diensten. Ik geloof erin en hoop van harte dat we ons samen industrie en overheid- volledig inzetten om dat scenario te verwezenlijken.”
In de studie wordt antwoord gegeven op vragen als: Gaat de industrie weer groeien? Zo ja, in welke segmenten dan en met welke actoren? Waar hangt het vanaf en wat betekent dit voor onze export? Kan de welvaart ook op diensten draaien? Of worden die straks ook op grote schaal geoutsourcet? Wordt Nederland een B-land?
Er worden twee totaal verschillende scenario’s bezien:
Sterke kennisindustrie brengt nieuwe stuwkracht
Nederland wordt een dienstenland.
Om inspiratie op te doen is deze studie zeer bruikbaar. Maar ook om de ideeën over ontwikkelingen in de industrie aan te scherpen. Exemplaren zijn te verkrijgen bij c.brouwer@berenschot.com.
Dit is een leuk boekje met de keukengeheimen van Eckart Wintzen over de succesformule waarmee hij BSO heeft laten groeien. Het ISBN is 978-90-5637-967-4.
Toegewijde medewerkers die goed werk afleveren en een toegankelijke baas zijn enkele van de basisingrediënten die de groei tot gevolg hadden. Maar het belangrijkste succescriterium was het celdelingprincipe. Iedere nieuwe cel werd weliswaar volledig gefinancierd door de oercel, maar moest zijn eigen broek ophouden. Een eigen winst- en verliesrekening. Alles moest zelf gebeuren, dus geen staf (tot 4.000 medewerkers geen afdeling Personeelszaken gehad)! Iedere cel had een tweehoofdige leiding met een commercieel en een technisch directeur afkomstig uit de oercel. En verder, lees het, leuk boek.
Olieproductie alleen nog maar omlaag
Een alarmerend rapport van de Energy Watch Group (EWG) over onze energievoorziening van de toekomst: de olieproductie zal alleen nog maar dalen. Met alle gevolgen van dien. Volgens de EWG heeft de wereldwijde olieproductie vorig jaar al zijn hoogtepunt bereikt. Van nu af aan zal er alleen maar minder olie uit de bodem worden gehaald. De EWG rekent op een neergang van enkele procenten per jaar.
Met dit scenario gaan zij lijnrecht in tegen de voorspelling van de International Energy Agency (IEA), die als toonaangevend wordt beschouwd als het om energiescenario’s. Het IEA gaat uit van de hoeveelheid olie die er volgens de producerende landen zelf nog in de bodem zit. Maar die opgaven zijn volstrekt onbetrouwbaar, stelt het EWG. Zij baseren zich voor hun data daarom op het aantal ontdekte olievelden in combinatie van de productie van de afgelopen jaren. Het blijkt dat in het afgelopen jaar de productie bij alle oil majors is gedaald.
De gevolgen van die dalende olieproductie? De EWG schetst een somber beeld: omdat andere energiebronnen het tekort aan olie niet kunnen opvangen zullen er massaal onlusten uitbreken. “De huidige ontwikkeling vormt een ernstige bedreiging voor de maatschappij.” Bedreigingen zorgen ook nieuwe kansen voor innovatie. Dus aan de slag. Recentelijk heeft ondergetekende een initiatief in dat kader genomen. Zie http://www.energywatchgroup.org/fileadmin/global/pdf/EWG_Oil_Exec_Summary_10-2007.pdf voor het rapport.
Innovatief ondernemen in energie

De lichten in de zaal gaan plotseling uit. De aanwezigen staren elkaar in het donker wezensvreemd aan. De voorzitter van de bijeenkomst grijpt een zaklantaarn en schijnt daarmee uitdagend de zaal in. Aanhakend op de verwarring onder zijn gehoor zegt hij: "Laten we hopen, dat dit de komende vijf jaar niet gebeurt".
Zó begon op dinsdag 25 september 2007 tijdens het ZakenFestival 2007 in Beurs-WTC in Rotterdam een sessie over 'Innovatief ondernemen in energie'. De sessie was geïnitieerd door de WTC Club Rotterdam en de Federatie van Rotterdamse Business Clubs (FRBC) en georganiseerd door C. Boodt. Het welkomstwoord werd uitgesproken door Olivier van Hardenbroek, secretaris van de WTC Club Rotterdam. De lichtgevende sessievoorzitter was Thom Bakker, oud-voorzitter van de WTC Club Rotterdam en ambassadeur van de FRBC.
Als de lampen in de zaal weer aanfloepen, legt Bakker uit wat zijn bedoeling is met de onconventionele opening. "Energie is een van de belangrijkste pijlers onder onze welvaart. Het is met voorsprong het belangrijkste onderwerp dat hier op het ZakenFestival aan de orde komt: als het licht dooft, slaat ineens alles dood. Vanaf dat moment ligt de economie op zijn gat. Dat beseffen we onvoldoende. Daarom zijn alternatieve energiebronnen nodig."
Gemotiveerd
De sessie van de WTC Club Rotterdam en de FRBC werd bijgewoond door tientallen aanwezigen. Ze waren uiterst belangstellend en gemotiveerd. Dat bleek ook tijdens de zéér langdurige nadiscussie met de inleiders. Sessievoorzitter Thom Bakker legde in een woord vooraf uit, waarom 'Innovatief ondernemen in energie' als thema voor de sessie was gekozen. "De energie uit fossiele bronnen is eindig en de politiek heeft een hechte greep op de beschikbaarheid ervan. Daarom zijn meer energiebronnen noodzakelijk. Van wind alléén kunnen we niet leven." Volgens hem zijn innovatiedrang en ondernemerslust nodig om de nieuwe energiebronnen te ontwikkelen, zoals bijvoorbeeld waterstofenergie. Ondergetekende heeft daarom de vier inleiders voor de Rotterdam en FRBC sessie met zorg uitgekozen.
Regelloos
De eerste spreker was ir. Ad de Rooij, werkzaam bij Rijkswaterstaat, maar sinds kort namens de stichting Fysica van Samenwerking ook universitair docent in (wat genoemd wordt) 'maatschappelijke krachtenfusie'. Hij betoogde dat het initiatief voor innovatie niet meer bij de bureaucratie moet blijven, maar gelegd moet worden bij de burgers en de ondernemers: "Het systeem moet worden omgekeerd. De bureaucratie is nu een remmende factor, maar het zou een stimulerende factor moeten worden". Hij eindigde zijn betoog met een oproep voor het instellen van een 'vrijhaven voor innovatie' op de toekomstige Tweede Maasvlakte, waar burgers en ondernemers zonder beperkende regeltjes ('volstrekt regelloos') innovatieve initiatieven kunnen ontplooien.
Oneindig
Dr. Frank de Bruijn van het Energieonderzoekscentrum Nederland (ECN) meldde dat energie uit brandstofcellen niet erg nieuw is. "De brandstofcellen zijn al in 1820 uitgevonden, terwijl de eerste explosiemotor van 1830 is." Brandstofcellen berusten (kort gezegd) op het principe 'stop er water en lucht in, en er komt CO2 uit'. Er zijn intussen al kleine apparaten ontwikkeld, die 1½ KVA leveren, en die geschikt zijn voor een reeks van toepassingen. "In beginsel is deze bron van energie oneindig, althans zolang er water en lucht zijn op de aarde", aldus De Bruijn.
Benzineloos
Waarom in de westerse wereld de auto's slechts mondjesmaat op de (schone) waterstof rijden, werd verhelderend uiteengezet door Gijs van Breda Vriesman general manager van Shell Hydrogen: "Wij zijn er als waterstofproducent al helemaal klaar voor, maar de auto-industrie is dat niet. De technologie voor het ontwikkelen van waterstof-automotoren is ver achtergebleven, uit een vorm van marktbescherming. De auto-industrie is pas wakker geworden, toen een hybridemodel van Toyota een groot succes bleek. De toeleveranciers moesten zich toen nog helemaal gaan instellen op de productie van de geschikte onderdelen. Daarom zullen pas in 2015 op redelijke schaal waterstofmotoren beschikbaar zijn". Van Breda Vriesman verraste de luisteraars in zijn inleiding met de mededeling dat de Rotterdamse haven het grootste CO2-waterstofproducerende complex ter wereld is. Vooral Shell is een vooraanstaand producent. Het product wordt geleverd aan ziekenhuizen en chemische bedrijven. Als afval gaat ook veel CO2 naar de tuinders in het Westland, voor verwarmingsdoeleinden. "Kortom, wij zijn klaar voor de omschakeling op waterstof. Nu de autobranche nog."
Kleine schaal
Om uit aardgas waterstof te maken, zijn normaliter grote kraakinstallaties nodig. De waterstofgenerator van HyGear past echter op een pallet. Vijf jaar heeft het Arnhemse bedrijf aan de kleine generator gewerkt. "Waterstof is de motorbrandstof van de toekomst. Onder meer BMW zet nu zwaar in op waterstof", stelde Jacques Smolenaars, een der directeuren van HyGear, tijdens de sessie op het ZakenFestival. Vooralsnog biedt de industriële toepassing als procesgas de beste perspectieven op korte termijn. Het bedrijf (32 werknemers) levert dit jaar de eerste generatoren uit. Smolenaars ziet voor de toekomst vooral toepassingen op tankstations. Daarnaast biedt de combinatie met brandstofcellen interessante kansen voor gebruik in woningen.
Vervolginitiatieven
De aanwezigen op de sessie namen ruim de tijd voor een nabetrachting van de lezingen. Zo vroeg men zich verbaasd af: "Als in Rotterdam alles op het gebied van alternatieve brandstof aanwezig is, waarom gebeurt er dan niks mee?" Tijdens de vergadering bood sessievoorzitter Thom Bakker aan, als voormalig bestuurslid en als ambassadeur van FRBC een aantal gesprekken te arrangeren tussen de inleiders en bedrijven en instanties in Rotterdam. "Dan kunnen we vragen, of de beleidslijnen van de gemeentelijke instellingen én de feiten van deze sessie wellicht aan elkaar geknoopt kunnen worden. Dan kunnen we de bestaande initiatieven wellicht een zetje geven”, aldus Bakker.
Bron: Jan Oeij, secretaris van de Federatie van Rotterdamse Business Clubs (FRBC).
Bollebozen van onder meer de Erasmus Universiteit Rotterdam hebben plannen bedacht voor het oplossen van de files op de A15. Zo stellen ze voor om filerijders dichtbij huis onder te brengen in leegstaande kantoren en populaire laad- en lostijden voor containers via internet te veilen.
De Rotterdamse studenten Paul Engels (22) en Dirk Brand (22) sleepten vorige week nog de Rabobank Innovatieprijs 2007 in de wacht met hun idee om laadtijden op containerterminals (‘containerslots’) te veilen.
Michael Facey (23) kwam als stagiair bij automatiseerder IBM met drie medestudenten met het idee op de proppen om forensen in hun woonplaats onder te brengen in leegstaande kantoren. De kantoren zijn toegankelijk voor personeel van verschillende bedrijven, die vooraf kunnen reserveren.
Bron: Algemeen Dagblad
Innovatie bij baggeraannemer en scheepsbouwer
De baggermaatschappij DEME heeft een belangrijke innovatie doorgevoerd. De functies van de schipper en de zuigbaas zijn samengevoegd voor de sleephopperzuiger Brabo. Onder het motto ‘je rijdt toch ook niet met z’n tweeën auto!’. De scheepsbouwer IHC heeft daarvoor de bedieningsdesk aanzienlijk moeten aanpassen om dit mogelijk te maken. Anderzijds blijkt bij bezoek aan boord dat voor de werkzaamheden in de afbouwfase nog vele innovaties te bedenken zijn die goed zijn voor de arbeidsvreugde en omstandigheden.
De waterbouwdag 2007 was gewijd aan innovatieve plannen. Maatschappelijk relevante plannen werden gepresenteerd die wonen en werken in delta’s ook in de toekomst mogelijk maken door de natuur z’n werk te laten doen. Om die plannen te realiseren is een enorme omslag in denken nodig of eigenlijk meer terug naar de tijd van visionaire vernieuwers met durf als Ir. Pieter Caland en Ir. Cornelis Lely. Plannen van bijvoorbeeld Ronald Waterman om voor de kust een aantal eilanden aan te leggen die in de toekomst dienen als beveiliging tegen golven en waterstandverhoging maar ook voor wonen, werken en recreëren, komen helaas niet veel verder als papier en PowerPoint-presentatie.
The day after we stop dredging
Het thema van de CEDA Dredging Days 2007 heeft het grote belang van baggeractiviteiten voor de continuïteit in de welvaart in de gehele wereld blootgelegd. Er zijn eerder politieke en of bestuurlijke innovaties dan technologische noodzakelijk. Alle vertegenwoordigers van de industrie en havenbeheerders hebben het maatschappelijk belang aangetoond. Opvallend is dat heel goed duidelijk is wat er allemaal moet gebeuren om te voldoen aan alle mogelijke randvoorwaarden, dat er allerlei innovaties op stapel staan, maar dat de realisatie voortdurend op vertragingen stuit in nieuwe regelgeving en vergunningverleningtrajecten. Die vertragingen zoals bijvoorbeeld bij de aanleg van de Maasvlakte 2 ondermijnen de commerciële positie van metropolen en remmen de verdere ontwikkeling van landen af. Innovaties op het gebied van samenwerking op ambtelijk en politiek niveau in Europa zijn dringend noodzakelijk. De vraag is ‘Hoe krijg je dat voor elkaar?’.
Innovatie van en door gemeente
In het kader van de stedenband hebben de burgemeesters van Keulen en Rotterdam in het kader van het ‘2. Deutsch-Niederländisches Wirtschaftsforum’ een gemeenschappelijke intentieverklaring betreffende de samenwerking op het gebied van duurzaamheid in het kader van de stedenband tussen Rotterdam en Keulen.
Intentieverklaring:
Plannen van beide steden worden vergeleken
Voortrekkersrolverdeling afspreken en uitwisseling best practices
Stimuleren MKB in milieusector
Een of twee terreinen duiden waarop acties ten behoeve van klimaatverandering noodzakelijk zullen zijn en waarop intensief gaat worden samengewerkt.
Dit initiatief sluit aan bij het ROTTERDAM.CLIMATE.INITIATIVE. Dit initiatief biedt een platform waar bedrijfsleven, overheid, inwoners en andere betrokkenen samenwerken aan een beter klimaat voor mens, milieu en economie. Een leuke energie statement tijdens Wirtschaftsforum:Je kunt beter met een Hummer rijden én vegetariër zijn, dan met de Prius je vlees halen.
Europees Instituut voor innovatie en technologie
Er komt een Europees Instituut voor Innovatie en Technologie (EIT). Dat heeft de Raad voor Concurrentievermogen op vrijdag 23 november 2007 in Brussel besloten. Het instituut gaat toponderzoek van vakmensen bij Europese universiteiten, bedrijven en onderzoeksinstellingen stimuleren en gaat netwerken vormen van deze vakmensen.
Europa beslist: dga is géén ondernemer
Een uitspraak van het Europese Hof van Justitie heeft ingrijpende gevolgen voor Nederlandse dga's en de Belastingdienst. Een ondernemer spande een proces aan tegen de Belastingdienst en heeft dit ‘tegen alle verwachtigen in’ gewonnen. Hij hoeft nu niet persoonlijk op te draaien voor de BTW-schulden van zijn failliete bedrijf. Deze uitspraak kan verregaande gevolgen hebben voor dga’s. Talloze besluiten van de Belastingdienst zijn in één klap ongeldig.
Bron: NRC Handelsblad.
Oprichter Multi-Vlaai bij verkoop gechanteerd
De oprichter van Multi-Vlaai, Ton Beunis, is begin jaren negentig gechanteerd bij de verkoop van zijn bedrijf. De koper, de toenmalige eigenaar van de vlaaienleverancier ENPE, zou gedreigd hebben geen vlaaien meer te leveren als Beunis niet akkoord zou gaan met een bedrag dat miljoenen onder de vraagprijs zat.
Dit zegt de inmiddels 49-jarige Beunis in De Telegraaf. De ondernemer had zich voorgenomen om niet over de chantage uit de school te klappen, maar toen de huidige firma MultiVlaai onlangs besloot om de rol van Beunis als oprichter van de internetsite te verwijderen, knapte er iets bij hem. “Schandalig. Ik vind dat ik respect verdien voor mijn werk. Maar ze zien me niet staan. Ik heb ook nooit meer iets van de medewerkers van MultiVlaai vernomen. Dat doet pijn.”
Voor een schijntje verkocht
Beunis verkocht zijn bedrijf destijds aan een man die hij als zijn vader was gaan beschouwen. “Ik ben zwaar onder druk gezet door die man. Voor een schijntje heb ik mijn winkelketen afgestaan. Ik schaam me dood dat ik me financieel zo heb laten uitkleden.”
”Mijn vraagprijs voor de snelgroeiende winkelketen bedroeg destijds vijf miljoen gulden. Geen vreemd bedrag, aangezien ik toen al jaarlijks een miljoen winst maakte. Maar bij het verkoopgesprek nam de directeur van de bakkerij me plotseling apart en vroeg of ik hem soms kapot wilde maken, door zo’n hoge prijs te vragen. Hij wenste me niet meer dan driekwart miljoen te betalen. Als ik weigerde akkoord te gaan, zou er vanaf de volgende dag niet één vlaai meer voor mij gebakken worden. Ik verstijfde van angst, dacht aan de gevolgen voor al mijn winkels en zwichtte ter plekke voor de druk.”
Dubieuze rol adviseurs
Drie adviseurs van accountantsfirma Moret (inmiddels opgegaan in Ernst & Young) die Beunis bij de verkoop begeleidden, grepen volgens hem niet in. Later begreep de ondernemer waarom. “Ook de bakkerij had Moret als raadgever ingehuurd.”
De voormalige vlaaienkoning wil met zijn verhaal jonge ondernemers waarschuwen. “Laat je goed adviseren en voorkom dat je zo in de boot wordt genomen als ik.” Het bedrijf Bakkersland, waarin vlaaienbakker ENPE is opgegaan, wil niet op de beschuldigingen van Beunis reageren.
Bewogen leven
”Mijn leven is met geen pen te beschrijven. Een schandknaap ben ik geweest. Ik trad jarenlang op als travestiet in de Rotterdamse nachtclub OQ. Het was geen bewuste keus van me. Ik ben daar ingerold. Maar op een bepaald moment walgde ik van mezelf als ik in de spiegel keek. Samen met een vriendin kwam ik toen op het idee om in Amsterdam vlaaien uit Limburg te gaan verkopen. Niet alleen hele vlaaien, maar ook halve en in punten. Het was misschien geen briljant plan, maar we waren wel de eersten die het deden en het liep vanaf dag één al storm. Omdat ik nul diploma’s bezat, hadden we op advies van een ambtenaar geen banketbakkerij maar een 'tearoom' geopend. Tearooms hadden namelijk vrije vestiging en er kraaide geen haan naar de ontbrekende diploma’s.”
Tienduizenden vlaaien per week
Het Amsterdamse winkeltje van Beunis groeide binnen enkele jaren uit tot een landelijke keten die tienduizenden vlaaien per week over de toonbank schoof. “De zaken groeiden mij boven het hoofd. Ik ben niet echt een managerstype.” Volgens Beunis werd de Limburgse bakkerij te afhankelijk van Multi-Vlaai en zag de bakker zich daarom genoodzaakt de winkelketen over te nemen.
Bedrijven betalen steeds meer voor overnames
Ondernemingen betalen steeds meer voor de bedrijven die zij overnemen. Dat komt vooral doordat er meer jagers zijn dan overnameprooien. Dat meldde adviesbureau Roland Berger dinsdag op basis van eigen onderzoek. Gemiddeld betalen ondernemingen iets minder dan twaalf keer het bedrijfsresultaat (EBITDA) van het over te nemen bedrijf. In 2003 was dat gemiddeld acht keer het bedrijfsresultaat.
Uit het onderzoek blijkt dat het voornamelijk ondernemingen zijn die branchegenoten overnemen, zoals het bijvoorbeeld het geval was bij ABN Amro. De onderzoekers verwachten dat dit soort strategische acquisities zich ook de komende jaren zullen voordoen, omdat in veel sectoren ondernemingen nog altijd op zoek zijn naar schaalvergroting.
Zittend management zelden succesvol bij fusie

Als bedrijven bij een fusie of overname een belangrijk deel van de leden van het oude management vervangen, is de kans op succes drie maal zo groot. Dat zegt het internationale onderzoeks- en adviesbureau Hay Group op basis van Europees onderzoek naar fusies en overnames in samenwerking met de Parijse universiteit Sorbonne.
Het is nog steeds droevig gesteld met de resultaten die fusies en overnames boeken. Van concrete waardevermeerdering of het realiseren van de vooraf gestelde doelen is nauwelijks sprake. In de meeste gevallen blijkt het zittende management onvoldoende geschikt om twee bedrijven tot één geolied geheel te smelten. Het ontbreekt aan kennis over de cultuur van de overname- of fusiepartner, het proces duurt te lang en er wordt niet stevig genoeg ingegrepen. Bovendien stralen leidinggevenden zelf vaak te weinig geloof en vertrouwen uit en ontstaat er onnodig veel weerstand in de organisaties. Hay Group en de Sorbonne universiteit berichtten in maart dit jaar al dat slechts één op de tien fusies succesvol blijkt. Deze studie is hier een vervolg op.
Leiders doorlichten
“Fusies en overnames vragen vaak om een ander soort leiders. Dat moeten commissarissen en zittende management teams onder ogen durven zien,” aldus Jurgen van den Brink, senior consultant bij Hay Group. “Dus een fusie begint bij een leiderschap review. Alle leidinggevenden in beide organisaties worden dan grondig bekeken op geschiktheid voor het begeleiden van het proces. Ons onderzoek toont aan dat alleen al zo’n review de kans op slagen vier keer vergroot.” Wanneer leiders tijdens een fusie hun eigen geloof in het succes uitdragen vergroot dat de motivatie met meer dan tien procent. Medewerkers tonen dan grotere toewijding en productiviteit.
Risky Business
Zeventig procent van de senior managers vindt het lastig om een goed beeld te krijgen van de cultuur en de mensen van het over te nemen bedrijf. ”Daardoor is men niet effectief in het bouwen van draagvlak bij het over te nemen bedrijf,” zegt Jurgen van den Brink. Bij fusies en overnames blijkt de helft van de ondervraagde managers zelf tegen te zijn. Een alarmerende dertig procent neemt zelfs actief deel aan de oppositie. “Voor een fusie is lef nodig en je hebt andere capaciteiten van het management nodig. Het management team moet onmiddellijk de nieuwe strategie leveren, het juiste gedrag tonen en de juiste toon aanslaan. Zo kunnen zij vertrouwen in het succes van de fusie overbrengen op hun werknemers. Zittenblijvers kijken teveel vanuit waar ze vandaan komen. Nieuwkomers naar wat er is. Een stoelendans levert blijkbaar dus waarde.”
Meer naar de boeken dan naar mensen kijken
Groeien door overname of fusie is nog steeds een veelgevoerde strategie. Maar dat is alleen succesvol wanneer materiële en immateriële activa goed op elkaar afgestemd worden. Dat gebeurt nauwelijks en daarom slaagt slechts één op de tien fusies. Dit bleek eerder dit jaar uit deel één van de studie. De ondervraagde managers (93%) gaven aan naar het traditionele boekenonderzoek en niet naar de bedrijfscultuur, -structuur en betrokkenheid van medewerkers te kijken.
Vlug als de wind
Het samenbrengen van twee organisaties staat garant voor verstoring van alle business onderdelen en relaties met klanten. Snelheid is daarom geboden. Hoe sneller het management team op zijn plek zit, des te eerder kan een soepele overgang opgepakt worden. Uit het onderzoek blijkt dat de gemiddelde tijd om een nieuw management team aan te stellen 74 dagen beslaat. Dit betekent dat de nieuwe organisatie 2,5 maand zonder effectieve leiding is. Senior managers schatten in dat de periode van onrust binnen het nieuwe bedrijf uiteindelijk op twee en een half jaar neerkomt. “Dit kan natuurlijk desastreuze gevolgen hebben,” aldus Jurgen van den Brink. ”De post-merger strategie zou al tijdens de prille voorstadia van de deal van start moeten gaan.”
Over het onderzoek
Voor het Dangerous Liaisons onderzoek is gebruikgemaakt van drie verschillende onderzoeksmethoden. Er werden interviews afgenomen met 200 senior managers uit het Europese bedrijfsleven, die in de afgelopen drie jaar betrokken waren bij een fusie of overname. In de tweede plaats desk research op basis van de 100 grootste fusies en overnames die in dezelfde periode plaatsvonden. Daarnaast sprak de Sorbonne universiteit namens Hay Group met ruim 300 werknemers in verschillende landen, die zelf werkzaam zijn bij organisaties die recentelijk zijn gefuseerd of overgenomen. In deze vervolgstudie is de nadruk gelegd op de factoren die van invloed zijn op het wel of niet slagen van een fusie.
VNU Media breekt interimmarkt open
Werken in loondienst wordt steeds minder heilig en de behoefte aan interim werken groeit. Vrijheid, variëteit en projectmatig werken vormen hiervoor de belangrijkste drijfveren. Deze zijn belangrijker dan geld. Dit blijkt uit onderzoek van Intelligence Group in opdracht van VNU Media. Het onderzoeksbureau concludeerde eerder dat vijftien procent van de werkpopulatie overweegt om als zelfstandige aan de slag te gaan. Dit staat gelijk aan één miljoen werknemers. Als antwoord op deze trend lanceert VNU Media als eerste een onafhankelijke marktplaats voor interimopdrachten: www.InInterim.nl.
De nieuwe website biedt interimwerkers de mogelijkheid zonder tussenkomst van bemiddelingsbureaus hun diensten aan te bieden en hun inkomsten in eigen hand te houden. Ze kunnen hun eigen uurtarief bepalen en hoeven geen commissie af te dragen aan bureaus die de opdracht bemiddelen. Werkgevers krijgen op hun beurt eveneens tegen lagere kosten eenvoudig toegang tot beschikbare interim professionals. VNU Media start met een aanbod van circa ruim 1.000 interimmers. Dit laatste moet binnen een jaar groeien naar enkele duizenden tijdelijke managers en professionals.
Gelijktijdig met de introductie van deze website presenteert VNU Media vandaag de uitkomsten van een groot onderzoek onder ZZP-ers die werkzaam zijn als interimmer. De belangrijkste motivatie voor een interimmer om zelfstandig door het leven te gaan is de mate van vrijheid van opdrachten. Variatie op het werk komt op een tweede plaats, gevolgd door projectmatig werken. Het volledige onderzoek is te vinden op de InInterim-website.