
DECEMBER 2010
Geachte relatie,
Met de feestdagen voor de deur hebben we weer diverse artikelen voor u uiteengezet.
In deze
nieuwsbrief komen diverse onderwerpen aan bod:

Wij wensen
u prettige kerstdagen en een gelukkig & voorspoedig
nieuwjaar!
Heeft u
vragen over bovenstaande onderwerpen of suggesties voor onze nieuwsbrief? Wilt u
een relatie of bekende aanmelden of zich afmelden voor deze nieuwsbrief? Bent u
in het bezit van een persoonlijk e-mailadres in plaats van een postadres? Laat
het ons weten via boodt@boodt.com of bel
naar
078 69 909
75.
Met
vriendelijke groet,
Kees
Boodt
Nieuwe
website voor Boodt Management Deelneming
BV
Teneinde u
nog beter van dienst te kunnen zijn, hebben wij de layout & content van onze
website www.boodt.com
vernieuwd. Hierdoor kunt u informatie gemakkelijker en daardoor sneller vinden.
Nieuwe onderdelen zijn o.a. de gedetailleerde bedrijfsprofielen van zowel te koop aangeboden bedrijven als gevraagde bedrijven. Als u op deze
voorgaande hyperlinks klikt, dan vindt u een uitgebreide omschrijving van de
vele bedrijven in ons portfolio. Omdat de bedrijven nu uitgebreid op onze
website staan, geven wij in onze nieuwsbrief geen bedrijfsoverzicht meer.
Europese Commissie steunt
ambitieuze plannen industrie

De Europese Commissie (EC) heeft een nieuwe manier van werken geïntroduceerd in het Zevende Kaderprogramma (KP):
de Public-Private Partnerships (PPP’s). De commissie richt haar pijlen voortaan op minder, maar zeer omvangrijke
onderzoeksprogramma’s, die gericht een kennisvraag van de industrie beantwoorden. De EC heeft hiervoor onlangs
een budget
van 423 miljoen euro beschikbaar gesteld.
Omdat de
industrie in tijden van crisis wel een duwtje in de rug kan gebruiken, heeft de
EC de publiekprivate samenwerking omarmd. De commissie zet het beschikbare
budget op strategische wijze in: ze legt de lat hoger door voor meerdere jaren
ambitieuze plannen te honoreren.
Sinds 2009
zijn er vier Public-Private Partnerships van start gegaan, die deze zomer voor
een totaal aan 423 miljoen euro aan oproepen hebben gepubliceerd.
Consortia
uit heel Europa werken momenteel aan projectvoorstellen. Tot het eind van KP7 in
2013 zullen nog twee van dergelijke rondes volgen.
PPP's in de
praktijk
Wat er
precies verandert? In het verleden ontvingen veel onderzoeksprojecten een beetje
geld en hoefde de onderzoeksvraag niet expliciet voort te komen uit de
industrie. Nu is dit laatste een absolute must. De Europese Commissie zet in op
toegepast onderzoek met als eindresultaat een grote maatschappelijke toegevoegde
waarde. Ook moeten de PPP's leiden tot sterkere samenwerkingsverbanden tussen
sectoren en onderzoeksinstellingen in
Europa.
Bijzonder
aan deze strategische koerswijziging van de EC is dat de formele werkwijzen níet
zijn veranderd. Volgens de EG-Liaison-adviseur is dit een groot voordeel. Vooral
omdat dergelijke wijzigingen in een orgaan als de EC jarenlang kunnen duren.
"Dit maakt de aanpak van de Europese Commissie nog daadkrachtiger. En juist bij
daadkracht is de industrie op dit moment zo gebaat."
Voorproefje
KP8
Een
voorproefje op KP8 vanaf 2014, zo wordt de huidige koerswijziging ook wel
genoemd. Een forse verandering die met zijn vele voordelen voor de grote
industrie met name het MKB angst inboezemt. De EC wil náást het versterken van
de industrie óók inzetten op innovatie - een terrein waar juist het MKB sterk in
is. De commissie gaat hiervoor ook andere middelen zoals structuurfondsen
gebruiken. Daarom wordt voorziet dat de koerswijziging nog veel meer inspeelt op
de behoefte van het MKB, en op het versterken van de Europese samenwerking
tussen het bedrijfsleven en kennisinstellingen. Waarschijnlijk verbetert dit de
situatie voor innovatieve ondernemers, vooral omdat het nieuwe programma meer
aansluit op de projecten die het MKB
ontwikkelt.
Bron: NL
Innovatie
Innovatie belangrijker
dan verlaging belastingen
Werkgeversorganisatie VNO-NCW is bereid genoegen te nemen met
een beperkte verlaging van
de vennootschapsbelasting. In ruil daarvoor zou
het kabinet-Rutte minder moeten snijden in
subsidies voor
innovatie.

Het tarief
voor de vennootschapsbelasting daalt volgend jaar van 25,5% tot 25,0%. Het geld
dat het kabinet kan besparen door de vennootschapsbelasting minder sterk te
verlagen, moet volgens Wientjes ten goede komen aan innovatie.
Concurrentiepositie staat op het spel
“Specifiek innovatiebeleid op het
terrein van top- of sleutelgebieden is zo essentieel voor de toekomst van
Nederland, dat we bereid zijn met het kabinet te praten over de
vennootschapsbelasting”, aldus de voorzitter van de werkgeversvereniging.
Wientjes opperde ook de mogelijkheid om de WBSO-regeling, de fiscale prikkel
voor onderzoekswerk, minder te verruimen.
Het
kabinet-Rutte wil juist flink snoeien in de specifieke subsidies voor innovatie,
maar Wientjes vraagt zich af of het daarmee niet te ver gaat. Het kabinet wil
bedrijvigheid en innovatie stimuleren door de vennootschapsbelasting te verlagen
en de WBSO te verruimen.
Innovatieve topinstituten hebben alarm geslagen over de
kabinetsplannen. Zij betogen dat de internationale concurrentiepositie van
Nederland op het spel staat. Het kabinet wil jaarlijks euro 300 miljoen
bezuinigen op themagerichte innovatiesubsidies.
Waken voor ‘hakken om het hakken’
Wientjes
wilde desgevraagd niet zeggen hoe ver hij wil gaan met de minder sterke
verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting. Wientjes maakt zijn
opmerkingen tijdens Industriepoort, een bijeenkomst van ambtenaren, ondernemers
en politici die enkele keren per jaar in Nieuwspoort bij elkaar komen.
De
uitspraken van Wientjes zijn opmerkelijk omdat veel bedrijven een forse
verlaging van de vennootschapsbelasting met blijdschap omarmen.
Volgens de
voorman van de werkgevers kan er ook best worden bezuinigd op
innovatiesubsidies, maar moet het kabinet waken voor 'hakken om het hakken'.
“Overheidsgeld voor technologische topinstituten, gefinancierd door
bedrijfsleven en het Rijk, is een goede investering in de toekomstige kracht van
onze economie.”
Bron: Het
Financieele Dagblad
Uitzonderlijke B2C innovaties zullen steeds meer uit alle
hoeken van de wereld komen, met merken en
talent uit opkomende markten, klaar om te stralen.
Nu bijna
de hele wereld als consument de arena zijn toegetreden moeten we
ons voorbereiden op een lawine van
nieuwe merken, ondernemers en innovaties uit de
'opkomende' markten die een wereldwijd potentieel
en de aantrekkingskracht zullen hebben. Van agressieve Chinese merken naar
Turkse creatieven naar Braziliaanse kleding, we zien een
sterke toename van wereldklasse bedrijven die kunnen en zullen
strijden voor de
consument zijn Dollars, Reais, Euro's, Ponden, Roepies, Rand, of Lira.

Natuurlijk, de expansie van de mondiale markten creëert nieuwe
kansen voor bestaande bekende merken, maar het echte verhaal van de opkomst van
deze nieuwe krachtpatsers is dat de nieuwe merken enorme veranderingen binnen
hun binnenlandse markten, maar in toenemende ook enorme veranderingen teweeg
brengen buiten deze concurrerende markten en zelfs dat ze de gevestigde
bedrijven verslaan met hun eigen spel. Een ding is zeker - het bereik van de
merken die de consument begeren zal in twintig, tien of zelfs vijf jaar nog
diverser worden.
Waarom nu?
Enkele cijfers en
statistieken
Opkomst van de rest van de wereld is niet het einde van het
Westen
Nee, de
opkomst van de rest van de wereld betekent niet het einde van het Westen.
'Gevestigde' markten en merken zullen niet bezwijken of verdwijnen. De
Zuid-Koreanen, Japanners, Zwitsers, Britten, Amerikanen, Fransen, Duitsers,
Noren, Canadezen, Australiërs en Singaporezen zullen voor eeuwig aan de
innovatie blijven toevoegen.
In feite
zou het een ernstige vergissing
zijn als voorbij wordt gegaan aan de spitsvondigheid, creativiteit,
erfgoed en herkomst, sophisticated, schone (re) lucht, vrijheid, joie de vivre,
wetenschappelijke doorbraak, maatschappelijke innovatie en culturele
uitbundigheid gevonden in de 'oude wereld', Noord-Amerika, Japan en Zuid- Korea.
Veel van deze landen zullen zich de komende jaren positioneren in de top tien
indexcijfers van geluk en de kwaliteit van leven.
Voorbeelden
In
de eerste negen maanden van dit jaar zijn 84 bouwbedrijven
failliet gegaan, tegenover 45 in dezelfde
periode vorig jaar. aanvragen. Per maand verdwijnen volgens de brancheorganisatie
circa duizend arbeidsplaatsen bij bouwbedrijven;
bij aannemers die huizen en kantoren bouwen
daalt de werkgelegenheid dit jaar 10,5%, bij infrastructuurbedrijven
3,5%.

De vijftig
grootste bouwbedrijven van Nederland hebben vorig jaar 2,7 miljard euro omzet
verloren. Het gezamenlijke bedrijfsresultaat liep ruim een half miljard euro
terug. Dat blijkt uit onderzoek van vakblad Cobouw. Van de grote bouwbedrijven
lijken Boskalis (waar het bedrijfsresultaat 11,4% daalde) en Van Oord (- 11,3%)
het zwaarst door de crisis te worden getroffen. Dit jaar zal niet eens het
zwartste zijn.
Bouwend
Nederland voorspelt dat het dieptepunt in de aannemerij pas in 2011 wordt
bereikt. De brancheorganisatie ziet de bouwmarkt niet snel herstellen van de
crisis. Op zijn vroegst in 2014 zal de bouwproductie weer aantrekken. Volgens
accountant PricewaterhouseCoopers, die aan het onderzoek van Cobouw meewerkte,
houden de banken veel aannemers momenteel zelfs overeind, vanwege de
investeringen die ze in het verleden in deze bedrijven hebben
gedaan.
Banken zijn voorzichtiger
geworden met financiering
bouw
Jan van
der Doelen, sectormanager bouw & og bij ING, constateert dat de vraag naar
nieuwbouwwoningen in een vrije val is geraakt. Ten opzichte van drie jaar
geleden zijn er meer risico`s verbonden aan het financieren van bouwprojecten.
Daardoor opereren ontwikkelaars en bouwers voorzichtiger. Enkele jaren geleden
was de bouwmarkt booming, waardoor banken de spelregels voor financiering
flexibel toepasten. De ondergrens van 70% is gehandhaafd, maar in het verleden
werd die regel niet altijd even strikt gehanteerd.
Banken zijn voorzichtiger geworden met de financiering
van bouwprojecten. Yvonne van Genugten, sectormanager bouw
& vastgoed bij de Rabobank, spreekt echter tegen dat de bank minder geld in de bouw
wil stoppen. Dat er minder geld naar de bouw
gaat heeft vooral te maken met de bouwmarkt zelf.

Nu moeten
er wel zeer goede argumenten op tafel komen om met minder dan 70% voorverkopen
genoegen te nemen. Erik Stainmaier, bankier bij ABN Amro, merkt dat
ontwikkelaars net zo realistisch zijn geworden als banken. Ze willen niet
starten met bouwen als de ondergrens niet is gehaald. Hij kijkt bij de
beoordeling van een bouwbedrijf niet zozeer naar de balans maar vooral naar de
liquiditeit. Cash is king.
Bron:
Cobouw
|
Het zijn woelige tijden in de financiële wereld. Met het einde van de crisis nog niet in zicht, wordt het voor de ondernemer steeds moeilijker bij banken een voet tussen de deur te krijgen. En dat terwijl ondernemers juist nú geld nodig hebben, om het hoofd boven water te houden of om te investeren voor de toekomst. Sinds 2007 is het nieuwe kapitaalakkoord ‘Basel II’ voor alle banken van toepassing, en inmiddels is de invoering van Basel III al in zicht. Deze regeling omvat ondermeer een gedetailleerde methodiek van risicobepaling van de totale kredietportefeuille. Banken kunnen vaststellen wat de omvang van het kapitaal is, dat zij minimaal renteloos bij de centrale bank moeten aanhouden om onverwachte verliezen op te vangen die voortvloeien uit financiële en operationele risico’s.
Daartoe kennen banken hun klanten een waarde toe, een zogenaamde credit rating, gebaseerd op het ingeschatte risico. Op basis van dit ‘bancaire rapportcijfer’ bepalen zij of hun klant in aanmerking komt voor kredietverlening en wat de voorwaarden en tarieven dienen te zijn.
Een
gunstige rating betekent in de meeste gevallen dus ook gunstige tarieven
en wellicht betere financieringsmogelijkheden. Met een zeer gedegen
analyse van de cijfers en de kwalitatieve aspecten van de onderneming
wordt van een onderneming het bancaire rapportcijfer bepaald. Hieraan
worden concrete adviezen gekoppeld op het gebied van balansmanagement om
te komen tot een beter rapportcijfer en tot ruimere
financieringsmogelijkheden.
|
![]() |
Diverse
adviseurs, zoals EuroZaken bieden ondernemers hulp bij het in kaart brengen van
hun cijfers en het analyseren daarvan. Op die manier maken zij toonbaar waar de
sterke en zwakke punten in een onderneming zitten. Tevens maken zij daarmee
zichtbaar hoe de bank op basis van de Basel II normeringen hun onderneming
beoordeelt. Op deze wijze komt de ondernemer goed voorbereid bij een bank
binnen.
Bron:
www.eurozaken.nl
Mkb neemt toevlucht tot
private equity
Het midden- en kleinbedrijf neemt zijn toevlucht tot
private equity, aangezien het lastiger is geworden om een lening los
te krijgen bij banken.
Robert de Boeck, oprichter en directeur van participatiemaatschappij Antea,
signaleert dat banken sinds de crisis terughoudend zijn met
groeifinancieringen voor het mkb.

Antea
richt zich op bedrijven met 15 tot 150 werknemers en met een omzet van 5 tot 50
miljoen euro. Voor de grote investeringsmaatschappijen is het mkb te klein. De
Boeck acht dat een gemiste kans, aangezien het mkb in de laatste jaren steeds
belangrijker is geworden. Antea selecteert bedrijven op basis van de
groeimogelijkheden, het zij autonoom of via overnames. Tevens moet de
onderneming in zijn martkgebied een plek in de top vijf bezitten. Het management
moet ook zelf investeren in het bedrijf, want dat vergroot de betrokkenheid.
De Boeck
constateert dat er in 2010 betere mogelijkheden voor investeringen zijn dan
vorig jaar. Toen kwamen er vooral aanvragen binnen van bedrijven die op omvallen
stonden. Ondernemers die in zee gaan met een private equity partij moeten wel
beseffen dat zijn nieuwe partner actief wil meedenken en beslissen.
Bron:
Bizz
Liever tien vrienden dan
honderd banken
Iedereen
weet het, banken komen niet gemakkelijk over de brug. Zeker niet wanneer uw
onderneming wat meer creativiteit en inspanning verwacht. Maar waarom zou u het
opstartkapitaal niet bij elkaar crowdsourcen. Jawel, gewoon laten financieren
door familie, vrienden en allerlei onbekenden. Het kan bij
CrowdAboutNow.
Maar wacht
eens, dat is toch al zo oud als de weg naar Rome? Zelfs de VOC gaf aandelen uit!
Niet helemaal, crowdfunding is een financieringsvorm waarbij een grote groep
onbekenden een klein bedrag inlegt. De investeerders krijgen echter geen
zeggenschap over het bedrijf, zoals de aandeelhouders dat wel
krijgen.
CrowdAboutNow
Bij het FD
legt een van de acht initiatiefnemers van CrowdAboutNow, Mark Laagewaard, uit
hoe de vork in de steel zit. “Wij bieden iedereen de mogelijkheid om te
investeren in ideeën waarin zij geloven. We merken dat er behoefte is aan een
manier waarom mensen zich kunnen committeren aan bedrijven die ze leuk vinden.”
Inleggen
En op de
website kunt u nu al een tientje inleggen. Bijvoorbeeld in een koffiezaak, een
online boekhoudsysteem, op maat geschilderde kunst of creatieve vuurplaatsen. De
ondernemers die meedoen met het project bepalen zelf hun rendement en de datum
waarop de de lening aflossen. Dat kan erg gunstig zijn, de mannen achter online
boekhoudsysteem fiscus keren volgend jaar zo'n 20%
uit.
Wie durft?
Is dat
geheel zonder risico? Natuurlijk niet. Het is een initiatief is nog altijd een
juridische hobbelweg en er is volgens specialisten juist te weinig contact
tussen investeerders en ondernemers. Wat denkt u? Zou u het aandurven op deze
manier aan de slag te gaan, of klopt u toch bij een bank aan? Wij horen het
graag!
Bron: Bizz
Voor een
ondernemer is een overname maar één ding: een handeling ten gevolge van een
strategische keuze. Prioriteit is het op elkaar afstemmen van het bedrijf dat
hij al heeft en de nieuwe aanwinst. Daarmee komt hij ook op het terrein van de
personele bezetting. Synergievoordelen zijn er pas op het moment dat ook de
personele organisatie goed op orde is. Bij de overname zal hij dus
waarschijnlijk worden geconfronteerd met de noodzaak om van sommige
personeelsleden afscheid te gaan nemen door een procedure bij het UWV of een
ontbindingsprocedure bij de sector kanton van de rechtbank.
Hetzelfde geldt natuurlijk voor een ondernemer die
zijn eerste bedrijf koopt.
Niemand
zal bestrijden dat arbeidsrecht het recht van de zwakste beschermt. Wel wordt de
vraag gesteld of de wet in de bescherming niet buitenproportioneel beschermt. En
met het afwachten op nieuw ontslagrecht blijft de ondernemer dus afhankelijk van
individuele uitspraken van UWV of kantonrechter. Beide instanties hebben een wat
wijzigende houding. Afgezien van het feit dat de belangen van werknemers dienen
te worden beschermd is er ook de erkenning voor de ondernemer voor zijn
bevoegdheid zijn organisatie zodanig in te richten dat het past bij de
doelstellingen van de onderneming. Zo’n reden dient dan wel goed te zijn
onderbouwd.
Juridische
rompslomp? Het kan natuurlijk óók gezien worden als een extra goede reden om nog
eens echt goed na te denken over de organisatie. Mr. P.I.A.P.M. Zwaga
(advocaat in Den Haag) beweert dat je als ondernemer met kennis van recht
geld kunt verdienen. Dit is weer een aardig
voorbeeld.
Wig tussen accountant en
directie
Minister van Financiën De Jager reageert hiermee op het
'groenboek' van eurocommissaris Michel Barnier, die voorstellen heeft
gedaan om accountantscontroles te verbeteren.
De commerciële band tussen het management van een bedrijf
en de externe accountant moet worden doorgesneden.
De Raad van Commissarissen moet
opdrachtgever worden van de accountant, schrijft
minister De Jager in een brief aan de
Tweede Kamer.

De laatste
maanden kregen accountants zware kritiek van toezichthouders en politiek. Het
ontbrak ze aan een 'professioneel-kritische' houding ten opzichte van hun
opdrachtgever. Door de relatie met het bedrijfsmanagement te verbreken zou de
accountant strenger kunnen optreden.
Niet
alle voorstellen van Barnier vallen in goede aarde. Zo ziet het kabinet
niets in een idee om grote accountantskantoren op te breken, of om de
aanstelling en betaling van de accountant bij een onafhankelijke 'derde'
te beleggen.
Het kabinet wil ook de verkoop van adviesdiensten door
een accountant beperken, maar regelt dat bij voorkeur binnen
de Europese Unie. Brussel moet de
regels voor kwaliteitsbewaking en onafhankelijkheid harmoniseren. De
voorkeur gaat uit naar één
Europese toezichthouder, aldus De Jager.

Hervormingsplannen
Ook de Nederlandse beroepsorganisaties voor accountants, Nivra en Novaa, presenteerden hun hervormingsplannen. Net als het kabinet willen ze de aanstelling en begeleiding van de accountant in handen geven van de commissarissen. “Die relatie moet een extra beveiliging zijn tegen commerciële prikkels voor de accountant”, zegt Nivra-voorzitter Ruud Dekkers.